Takkenoven

Tijdens de biodiversiteitsdag op het terrein van het MEC (Milieu Educatief Centrum) ontdekte ik een echte ouderwetse takkenoven. Dit exemplaar is uit leem en vuurvaste stenen opgetrokken en hier kun je dus brood in bakken.

Dit is een vrij fors exemplaar maar je kunt natuurlijk ook een maatje kleiner maken om op de tuin ons eigen ‘Overkroeten broodje’ te gaan bakken. We gaan binnenkort met de schepper van dit ding in gesprek om te kijken of wij ook zoiets kunnen realiseren. En komende Zaterdag gaan we op Tiengemeten bekijken hoe je met zo’n takkenoven brood moet bakken.

Oogstdag Tiengemeten

Op Zaterdag 1 September kunnen we weer genieten van de oogstdag op Tiengemeten. Het veer vaart elk heel uur en de oogstdag begint om 10.00 u. en eindigt om 17.00 u. Neem je fiets mee want die zal je hard nodig hebben als je alles wil zien en beleven.

Er is enorm veel te zien, te doen en te beleven. Wat voor ons (Graancirkel) erg interessant is is het bakken van brood in een ouderwetse takkenoven. Maar er is natuurlijk zoveel meer interessants te zien en te beleven (zie poster boven) dat je ogen en oren tekort zal komen. En vergeet de èrepels niet mee te nemen 5 kilo voor €2,50.

De hele dag kun je alles zien en vragen stellen aan deskundige mensen die ons op weg kunnen helpen om nog meer plezier en product van onze tuinen te tuinen te halen dan we al doen.

Biodiversiteit Wolfslaar

Tijd: Augustus 26 2012 vanaf 11.00 tot 16.00
Locatie: Boerderij Wolfslaar
Georganiseerd door: Bezoekerscentrum Wolfslaar

Omschrijving gebeurtenis:
Zondag 26 augustus organiseert bezoekerscentrum Wolfslaar een biodiversiteitsmarkt  op het terrein van boerderij Wolfslaar van 11.00 uur tot 16.00 uur.
Kinderen kunnen doorlopend deelnemen aan een workshop bijenhotel timmeren, koken zonder vuur of bloem stukjes maken bij de kraam van Groei & bloei. De Westbrabantse vogelwerkgroep organiseert mini excursies vogelkijken. De Fruitboogerd geeft mini cursus pruimboom snoeien en tips om fruitbomen te kweken in eigen tuin. De imker geeft uitleg en laat imkerijproducten proeven. De bus  van Natuurmonumenten en de streekproducten ui de Baronie zullen niet ontbreken.
De gemeente laat deze dag haar ecologische beheer en natuurontwikkeling in het gebied Wolfslaar zien. Daarnaast presenteert zij lopende en op stapel staande groene en blauwe natuurontwikkelingsprojecten in de gemeente Breda.
In het kader van de biodiversiteit heeft Breda de Steenuil als ambassadeurssoort gekozen. De steenuil zal deze dag een hoofdrol spelen.
De kinderen krijgen aan de ingang een steenuilstempelkaart bij de kraam van het bezoekerscentrum. Wanneer de kaart volledig is ingevuld worden de kinderen met een ijsje beloond. Kortom een markt vol inspiratie en ideeën  voor thuis.

Voor meer informatie kunt u terecht op bezoekerscentrumwolfslaar Wolfslaardreef 95 te Breda.

Graan malen

Het graan, dat we hebben overgehouden van onze dors,- en wanavonturen, werd vanmiddag op de tuin gemalen om er meel van te verkrijgen. Marjon gaat van dat meel een testbroodje bakken. Dat wordt een zuurdesem broodje. Het zuurdesem heeft ze al gemaakt. Dat moet nu nog een paar dagen rijpen eer we het kunnen gebruiken om er brood mee te bakken. We verwachten dat a.s. Dinsdag te kunnen gaan doen. Als de test slaagt kunnen we een brood op de tuin gaan bakken.

Malen doen we met een oude handmolen uit de oorlog. We hebben bewust gereedschap en machines vermeden die op elektriciteit of fossiele brandstof draaien. Alles gaat met de hand en het werkt.

We hebben nu tarwe gezaaid, dat geoogst, gedorst, gewannen en gemalen met de hand. Nu het bakken nog en dan is het project op haar eindbestemming beland. Dan hebben we een brood dat geheel uit onze eigen handen en uit de grond van de tuinen van Overkroeten is ontstaan en kunnen we terugkijken op een mooi avontuur met graan op de volkstuin.

De graanmolen

We hebben een graanmolen. Maar daar is alles wel mee gezegd. Het ding stamt uit de 2e wereldoorlog en maalt inderdaad graan, maar je moet een aantal keren het graan er doorheen halen wil je meel overhouden van een kwaliteit die fijn genoeg is om er brood van te kunnen bakken.

Hierboven zie je het resultaat na zo’n drie keer malen van een handje graan. Het kan er mee door maar het mag nog fijner zijn. We zullen nu eerst thuis een broodje proberen te bakken om te zien of het kan. De volgende stap is het zoeken naar een geschikte buitenoven om op de tuin een brood te kunnen bakken.

Augurken

Terwijl ik de laatste pot augurken van de oogst van 2011 in mijn handen heb, om straks te serveren bij een heerlijke Oosterse maaltijd, begint de nieuwe oogst zich al te vormen op de plank.

Op het donkerste, en koelste, plekje in huis staan al weer vier en een halve pot met augurken van 2012 klaar om af te zuren. Voor de genen die willen weten hoe je het beste je augurken inmaakt volgt hier een oud, vertrouwd, boeren recept.

1. Schrob de augurken droog af met een halfzachte borstel.
2. Leg de augurken in een schaal, strooi er ruim zeezout over, en laat een halve dag rusten (niet langer want anders gaan ze zout opnemen worden de augurken dus zout). Dit heeft tot doel om vocht aan de augurken te onttrekken zodat ze later, tijdens het wecken, zuur en kruiden op gaan nemen.
3. 1 deel azijn + 1 deel water aan de kook brengen. Laat dit mengsel weer afkoelen.
4. Doe de augurken in een glazen pot (zout eraf en opdrogen) en giet het water-azijnmengsel erover.
5. Op 1 kg augurken (droog) voeg je de volgende kruiden toe:
2 vruchten van de Spaanse peper (of vier kruidnagels)
2 jonge dragonscheuten (elk 10 cm lang)
1 bloemkop van venkel
1 jonge scheut van marjolein.

Mocht je geen kruiden voor handen hebben? Loop dan eens rond over de tuin en vraag je medetuinders of ze iets voor je hebben. Alle benodigde kruiden zijn op ons complex aanwezig.

Doe de pot met augurken vervolgens in een pan met water en breng dat, nèt niet, aan de kook. Draai dan de verwarmingsbron uit en laat alles rustig afkoelen. Een ideale pan voor dit doel is een aspergepan. Die is hoog genoeg om een weckpot van één liter in onder te dompelen. Als je veel augurken hebt, en dus ook veel weckpotten, dan is het verstandiger om ze in één keer in een weckketel te doen. Maar voor één weckpot, of een paar, is de aspergepan een uitkomst.

Na twee maanden zijn de augurken afgezuurd en hebben de kruiden hun werk gedaan om tot de juiste smaak te komen. De augurken in de weckpotten kun je jaren bewaren en eten.

Graanoogst 2012

De eerste graanoogst is binnen. Met elkaar werkten we de laatste schoven van onze allereerste graanoogst weg. De rest moet eerst nog rijpen en komt later aan de beurt.

We hebben nu, in totaal (van ons eerste veldje), zo’n 7 kilo graan weten af te halen. Niet slecht voor een eerste keer. Maar veel graan ging verloren door beginnersfouten (geen vlakke dorsvloer en geen kleed onder de wanmolen). Dat gaan we de volgende keer beter doen.

Dorsvlegel

De dorsvlegel bleek tijdens het dorsen het fijnste te werken. Dorsknuppels (flauw gebogen wilgentakken) werkten ook prima maar we waren het er met elkaar wel over eens dat de dorsvlegel de voorkeur had.

Deze vlegel wist ik voor 10 Euro op de kop te tikken via Marktplaats. Het is een exacte kopie van een vlegel uit 1600. Dit ontwerp werd nog tot 1950 gebruikt. Ze worden nu nieuw gemaakt in Duitsland met exact dezelfde materialen als de originele. Op een site voor oude landbouwtaal kwam ik deze verklaring tegen over de benaming van de verschillende onderdelen van en dorsvlegel.

De dorsvlegel in zijn geheel heet men de ‘vle(g)ele’ of ‘vle(g)ere’ (Lat. ‘flagellum’ = gesel). De onderdelen van de vlegel zijn:

a) de steel: noemt men ‘de vle(g)erstaf’ of ‘de staf’.
b) het oog op de steel wordt ‘ d’oo(g)e’ of ‘de rink’ geheten.
c) het slaghout noemt men ‘de (vlegel)geerd(e)’ of ‘de klippele’, de ‘vle(g)ele’ of ‘vle(g)ere’.
in het slaghout bevinden zich gewoonlijk twee of drie inkepingen, die dienen om de riempjes vast te houden die de vlegelkap op het slaghout bevestigen.
die inkepingen noemt men  soms (met een zekere schroom) ‘de kerten’ (een ‘kerte’ is in zuid-Oost-Vlaanderen ook de benaming van het vrouwelijk  geslachtsdeel, wat die schroom verklaart).
d) de vlegelkap heet men overal ‘de kappe’.
e) de riempjes die de kap vastmaken aan het slaghout ( soms een dubbel leren riempje, soms palingvel (bijzonder taai en sterk)) wordt ‘ ’t (h)angsel(e)’ of ‘ ’t (h)angzeel’ geheten.
de riempjes óp de vlegelkap noemt men ‘ ’t opnaaisele’ of ‘den nas(t)elink’.
f) de verbinding tussen steel en slaghout: hiervoor wordt meestal een (dubbel) riempje gebruikt, tenzij te Dikkele en Meilegem, waar een palingvel (Scheldestreek!) – erg sterk en taai -gebruikelijk is.
die verbindingsriem noemt men ‘ ’t hangsele’ of ‘ ’t hangzeel’.

Graan update (17)

 

We hebben de wanmolen op de tuin gezet en zijn begonnen met het dorsen van ons eerste graan. Het is erg heet en klam maar we laten ons er niet van weerhouden om ons graan te gaan dorsen.

We leggen de schoven op een kleed en spreiden dat uit.

En dan begint het dorsen.

We werken met een dorsvlegel en enkele dorsknuppels (die we gisteren van een wilg gezaagd hebben) en werken ons in het zweet.

En daarna begint het wannen. De wanmolen loopt niet helemaal lekker maar met wat hulp van Dirk krijgen we hem beter afgesteld en kunnen dan ons eigen graan in een bak, onder de wanmolen, zien vallen. Op de foto zie je hoe het kaf uit de molen geblazen wordt.

En zo gaat het lekker. We wannen niet al ons graan want nu blijkt dat het toch nog even mag drogen. Later in de week, waarschijnlijk in het weekeind, doen we de rest.

Nog een nagezonden foto van Lex. Hij schrijft; “Even in de vijzel, wat overblijft is meel en zemelen.”